Een ruimtelijke ingreep of ontwikkeling kan nadelige effecten hebben op de aanwezige beschermde flora en fauna in het plangebied. Bovendien kan een ingreep of ontwikkeling effect hebben op beschermde gebieden. In deze gevallen is het uitvoeren van een natuurtoets in het kader van de Flora- en faunawet noodzakelijk. Het is verstandig hier in het planvormingsproces tijdig rekening mee te houden, zodat vertraging tijdens te uitvoering voorkomen kan worden.
Van der Goes en Groot heeft ruime ervaring in het uitvoeren van natuurtoetsen en kan u adviseren bij het doen van een ontheffingsaanvraag. Daarnaast kan Van der Goes en Groot u adviseren bij het beperken van de negatieve effecten van de ruimtelijke ingreep en het nemen van compensatiemaatregelen.
Als eerste vindt er een oriënterend veldonderzoek (quick scan) plaats. Op basis van de kenmerken van het plangebied en de ingreep wordt vastgesteld in welke mate er negatieve effecten te verwachten zijn. Indien nodig wordt hierna een aanvullende inventarisatie van beschermde soorten in het plangebied gedaan.
Wanneer er beschermde dier- of plantensoorten in het gebied aanwezig blijken te zijn moeten er waar mogelijk compensatiemaatregelen genomen worden en een ontheffingsaanvraag worden opgesteld.
Links vindt u de verschillende componenten die een rol kunnen spelen bij de uitvoering van een natuurtoets.